Betaald ouderschapsverlof

Invoering van 2 maanden betaald ouderschapsverlof

Op dit moment krijgen werknemers in Nederland hun ouderschapsverlofuren niet uitbetaald of dat moet zijn geregeld in een cao. Dit gaat veranderen door een nieuwe Europese richtlijn die voorziet in 2 maanden betaald ouderschapsverlof.

Voor Nederland is het wetsvoorstel waarin de uitkering bij ouderschapsverlof wordt geregeld, op 20 april 2021 door de Tweede Kamer aangenomen. Het wetsvoorstel is nu aan de Eerste Kamer aangeboden. Het is de bedoeling dat de wet op 2 augustus 2022 van kracht wordt.

Ouders krijgen straks gedurende 9 weken ouderschapsverlof. Deze verlofperiode ontvangt de werknemer een UWV-uitkering ter hoogte van 50 procent van hun dagloon (tot 50 procent van het maximum dagloon; 223,40 euro per dag per 1 januari 2021).

Let op. Voorwaarde is dat de werknemer deze 9 weken betaald ouderschapsverlof opneemt in het eerste levensjaar van het kind.

Daarmee krijgen gezinnen meer tijd om te wennen aan de nieuwe situatie. En om samen bewust keuzes te maken over de verdeling van werken en zorgen.

De invoering van betaald ouderschapsverlof volgt op de invoering van extra geboorteverlof voor partners. Sinds 1 januari 2019 krijgen partners geen twee, maar vijf werkdagen vrij direct na de geboorte van hun kind. Vanaf 1 juli 2020 krijgen zij nog eens vijf weken betaald verlof in de eerste zes maanden van een baby. Daarmee krijgen partners van moeders in het eerste levensjaar van het kind in totaal vijftien weken betaald verlof.

Moeders hebben ook recht op deze negen weken betaald ouderschapsverlof, naast het bestaande zwangerschaps- en bevallingsverlof.

Het recht op ouderschapsverlof bedraagt 26 keer het aantal uren dat de werknemer per week werkt. Werkt hij bijvoorbeeld 36 uur per week, dan heeft hij recht op 26 keer 36 uur ouderschapsverlof. U gaat uit van het aantal werkuren per week dat is afgesproken in zijn arbeidsovereenkomst.

De werknemer vraagt het ouderschapsverlof schriftelijk bij u aan. Hij doet dit ten minste 2 maanden voordat het verlof ingaat. Als het ouderschapsverlof afhankelijk is van de bevallingsdatum kan hij dat aangeven. In zijn verzoek geeft hij ook aan hoe hij het ouderschapsverlof wilt opnemen. Hij bepaalt namelijk zelf hoe en wanneer hij het verlof opneemt.

U mag het verzoek van de werknemer om ouderschapsverlof niet weigeren. U mag alleen de verdeling van de werkuren weigeren. U mag dat alleen als het verlof het bedrijf ernstig in de problemen brengt. In dat geval overlegt u met uw werknemer over een andere verdeling van de verlofuren. U mag de indeling van de verlofuren na overleg met de werknemer wijzigen. Dit kan tot 4 weken voor de ingangsdatum van het ouderschapsverlof. Als de werknemer het echt niet eens is met de verdeling, kan hij de zaak voorleggen aan de rechter.

Origineel weergeven